Onvoldoende bod
woensdag 18 januari 2012 07:00

Vragen aan onze arbitrage expert NBB arbiter Martin Sinot 

Beste Martin,

Afgelopen week hadden we een biedprobleem. Ik bood 1 klaveren, partner 1 schoppen, ik stop 3 klaveren partner 3 harten, ik 3 RUITEN. Ik wilde de 4e kleur spelen. Tegenstanders gingen niet akkoord. Wat is het correcte vervolg? Wat mag of moet ik nog bieden?

Groeten,
Rob de Jong. (Bridgeclub GBO Krommenie)

Antwoord Martin Sinot

Beste Rob,

Tsja, 3R als vierde kleur bieden kan niet meer als partner al 3H heeft geboden. Dus nu hebben we een onvoldoende bod. Na het roepen van de arbiter wordt dit volgens artikel 27 als volgt afgehandeld.

Als eerste mag de opvolgende tegenstander het onvoldoende bod accepteren (als reglementair behandelen); doet hij dat, dan is het laatste reglementaire bod uw 3R en gaan we van daaraf zonder rechtzetting verder (partner kan dus nu nog een keer 3H bieden als hij wil).

Als uw tegenstander het onvoldoende bod niet accepteert, dan zijn er voor u in het algemeen de volgende mogelijkheden:

1)      Indien uw onvoldoende bod en het goedkoopste voldoende bod beide natuurlijk zijn, dan mag u zo goedkoop mogelijk voldoende maken, zonder verdere rechtzetting (er zijn dus verder geen consequenties voor u of uw partner). Uw partner mag de informatie uit het onvoldoende bod zelfs gebruiken; alleen zal de arbiter nog wel een arbitrale score kunnen geven als u nu een voordelig contract bereikt dat u zonder uw onvoldoende bod nooit had kunnen bereiken.

2)      U kunt een reglementaire bieding doen (pas, doublet, redoublet of een bod) die dezelfde of een preciezere betekenis heeft als uw onvoldoende bod. Dat houdt in dat met elke hand waarop u de vervangende bieding zou doen, u ook de oorspronkelijke bieding zou doen, want het idee is dat u uit het onvoldoende bod niets kunt afleiden. Indien u deze mogelijk gebruikt, dan is er opnieuw geen verdere rechtzetting, en ook nu kan de arbiter nog een arbitrale score geven als u een voordelig contract bereikt dat u zonder uw onvoldoende bod nooit had kunnen bereiken.
Een voorbeeld: stel u opent 1SA, partner 2R (transfer), rechts 2S, en u 2H (2S niet gezien). U kunt nu volgens deze regel passen, en dat heeft dezelfde betekenis als 2H. 2H betekent immers niets, en pas heeft deze betekenis ook. U kunt niet 3H bieden, want dan geeft u harten aan, terwijl 2H dat niet doet; 3H heeft dus een andere betekenis dan 2H (voor de volledigheid: 2H is een conventie – verplicht bod – dus  punt 1  is niet van toepassing).
Ander voorbeeld: op zeker moment biedt uw partner 4SA, azen vragen. Rechter tegenstander 5H, u 5R (0 of 3 azen, had 5H niet gezien). Gelukkig speelt u DOPI, dus u kunt nu doubleren, hetgeen 0 azen aangeeft; een preciezere betekenis dan het oorspronkelijke 5R (0 of 3). En inderdaad zou u met alle handen met nul azen 5R geboden hebben.
Tegenvoorbeeld: u opent 1K met een zeskaart klaveren, om tot de ontdekking te komen dat rechts al 1SA heeft geopend. U speelt dat u na 1SA een lange lage kleur kunt aangeven met doublet. Dat kunt u hier echter niet gebruiken, want doublet belooft klaveren of ruiten, en er zijn handen waarmee u nu wel zou dubbelen, maar niet 1K zou openen (namelijk de handen met een zeskaart ruiten). De betekenis van doublet is hier minder precies en voldoet dus niet. Anders gezegd: doublet belooft klaveren of ruiten, maar door het onvoldoende 1K-bod weet partner dat het klaveren zijn en geen ruiten, dus er lekt informatie uit het onvoldoende bod.

3)      U mag ook een ander bod doen of passen, zodanig dat het niet aan 1 of 2 voldoet (u mag dan niet doubleren of redoubleren), maar dan moet partner voor de rest van de bieding passen. Bovendien kan er dan een voorspeelstraf zijn als u tegenspeler wordt, en kan de arbiter een arbitrale score opleggen als u had kunnen weten dat partners gedwongen pas in uw voordeel zou kunnen werken.

4)      Als u probeert te verbeteren door doublet of redoublet, en het is niet volgens 2 toegestaan, dan moet u alsnog een reglementair bod doen of passen, en partner moet dan verder passen, zoals in punt 3 boven.

5)      Als u probeert te verbeteren met een onvoldoende bod (dat schijnt te gebeuren), dan kan uw tegenstander dat accepteren; zo niet, dan komen we weer in punt 3.

6)      En ten slotte: als u een correctievoorstel doet voordat de arbiter ter plaatse is, en de tegenstander accepteert niet, dan is dat ook meteen uw keuze, die aan bovenstaande punten getoetst wordt. U krijgt dus geen herkansing meer, zoals vroeger.

Laten we dit toepassen op uw geval. Aangenomen dat de tegenstander 3R niet accepteert:

-          Punt 1 is niet van toepassing, aangezien 3R een conventie is;

-          Als u een bod weet dat de betekenis van vierde kleur heeft, dan kunt u dat nu doen (punt 2)

-          Anders zult u een eindschot moeten wagen (punt 3), want dan moet partner verder passen. U zou dus de gok kunnen wagen dat partner toch een ruitenstop heeft en 3SA bieden; of u kunt 4S in de (vermoedelijk) 5-2-fit proberen, of misschien wel slem bieden. Of misschien wel passen. Hoe dan ook, uw partner mag niet meer bieden, dus u moet zelf nu het eindcontract bepalen. Van voorspeelstraffen zult u geen last hebben, want u gaat zelf spelen; ook hoeft u niet bang te zijn dat u een eventuele goede score kwijtraakt, want u kunt hier niet weten of de overtreding in uw voordeel zal werken. Meestal doet het dat namelijk niet, en het is uitdrukkelijk niet verboden om geluk te hebben (dus als iedereen een normale, maar door het zitsel kansloze manche biedt, en u niet omdat u toevallig goed gokt – u moet immers nu een eindschot doen – dan mag u die score gewoon houden).

Met vriendelijke groet
--
Martin Sinot

 

Aanraders

Puzzel de zomer door!
bridgepuzzels Bridgevaria 2Ook op vakantie hoeft u ons niet te missen, want hij is er! Bridgevaria 2
36 puzzels voor maar 3,50.
Bestel via de webshop!
Bridgeles van Ed Hoogenkamp
bridge boeken, bridgematerialen, bridgecadeaus