Home | Peter van der Linden | Een ongelofelijk spel (4)
Een ongelofelijk spel (4)
vrijdag 15 januari 2010 07:00

Peter van der LindenNet als mijn vorige drie 'Ongelofelijke Spellen' is het onderstaande spel waargebeurd. Zoals ik ook in de vorige drie artikelen heb geschreven: iedere bridger kan een boekje vullen met zijn eigen leuke, mooie, belachelijke spellen... als hij ze maar direct na het spelen noteert. En aan dat noteren ontbreekt het helaas meestal, waardoor een schat aan mooie verhalen verloren gaat.

Met (alweer) een vreemde partner (kennelijk levert het spelen met vreemde partners de leukste spellen op...) kreeg ik als zuid op een clubavond:

W/NZ
 
9 6 5 3
 
B 10
 
A H B 8 7 4
 
7 

WestNoordOostZuid
1doubletpas??

Tja, met zo'n verdeling moeten 9 plaatjespunten genoeg zijn voor de manche. Dus een 3- of 2/3-bod kan niet, die biedingen zijn niet forcing.
De meest logische manche lijkt 4 omdat partner normaliter een vierkaart schoppen zal hebben (ook daarom is een 3-bod fout: we zouden die schoppenfit missen). Direct 4 bieden dus?
Dan zal je nét zien dat hij er een keer geen vier heeft (hij zal dan wel wat meer punten hebben maar dat maakt 4 in de 4-3 fit dan nog geen goed contract, zeker niet met déze vierkaart).
Eerst een cuebod, 2 dus, en dan de schoppenkleur bieden? Geen idee hoe partner dat zal opvatten. Misschien denkt hij dan wel dat ik een poging voor 6 doe. Of hij denkt dat ik een driekaart schoppen heb en een 4-3 fit (met zijn vierkaart) voorstel. Als hij daar dan niet voor voelt, kunnen we heel stom een 4-4 fit missen... Straks zegt partner: 'Waarom bied je niet gewoon 4 in plaats van zo raar te bieden?'

En dus besloot ik toch maar direct naar 4 te springen. Dat bleek echter niet het einde van het bieden:

WestNoordOostZuid
1doubletpas4
pas4SApas51
pas
5pas
pas
pas
   

1 Eén van de vijf keycards (H telt mee)

Zo te horen waren er twee keycards weg. Als er maar niet nog een verliezer is... Ik begon spijt van mijn 4-bod te krijgen.
West kwam uit met A.

W/NZA V B 4
 
 A H 8 6 4
5
H 9 3
  windroos  
    
 9 6 5 3
 
B 10
A H B 8 7 4
7

West vervolgde met V.
Aangenomen dat H goed zat en dat ik er vaak genoeg op kon snijden, zag ik in zuid maar één verliezer. Althans, met nóg twee aannames: dat ik de ruitenkleur kon ontwikkelen en daarna kon bereiken...
Vanuit noord gezien zag het er wat beter uit: weliswaar liep de hartenkleur zeker niet, maar ik kon de klaverennakomst troeven en (niet in deze volgorde) op mijn tweede hoge ruiten een harten afgooien, de hartensnit nemen en op H snijden. Ook hier moest ik aannemen dat ik vaak genoeg op H zou kunnen snijden. Ik zou zo naast A alleen de vijfde harten van noord verliezen. Om het in slagen te zeggen: ik zou maken zes slagen in de bijkleuren (AH, drie hartens dankzij de snit en H), noords vier troeven en een klaverenintroever in de hand.

Dus troefde ik V en speelde 5. Bij west verscheen 10 en hoopvol (dat leek immers op H10 sec bij west, zodat ik maar een keer zou hoeven snijden) legde ik V.
Tot mijn afgrijzen nam oost met H. Hoe was het mogelijk: west had op 11 punten geopend en oost had net het enige plaatje dat hij niet mocht hebben.
Oost speelde klaveren na, waarop ik een ruiten wegdeed, bij west kwam B en dummy was aan slag met H.
Het zag er somber uit. Het plan te proberen alleen nog de vijfde harten te verliezen was van de baan nu ik H had verloren. Toch moest ik vanuit noord spelen. Gezien wests 10 had oost namelijk vier schoppens: in zuid was ik al troefkort. De ruitenkleur vrijtroeven kon dus niet (en spelen op V-derde in oost was zinloos want oost kon geen plaatje meer hebben nu hij H had). Noords vijfde harten moest dus weg op zuids B (om het in slagen te zeggen, ik moest deze elf slagen maken: H, drie troeven in noord, de klaverenaftroever in zuid, drie hartens en drie ruitens).

Toen zag ik de oplossing: gezien zijn singleton schoppen moest west minstens vijf hartens hebben. Ik kon hem zo nodig (als hij V-derde of langer had) in een rode-kleurendwang brengen. Mits ik eerst mijn derde hartenslag veiligstelde want in die kleur dreigde een blokkade: als ik eerst alle troeven trok en ooit B speelde, zou west, die inmiddels veel van het spel wist, dekken en zo de kleur blokkeren. Ik moest immers nemen met A en oversteken naar 10; daarna zou H onbereikbaar zijn.
Dus moest het zo: ik stak over naar 9 (west gooide 10 af) en speelde een onschuldig lijkende 10. Zoals ik hoopte, dook west. Nu was ik binnen: ik trok de laatste twee troeven. Op de eerste kon west een harten missen, op de tweede gooide ik zelf een ruiten af. De situatie, waarbij west nog moest bijgooien, was nu (rode kaarten zijn gespeeld):

W/NZA V B 4
 
 A H 8 6 4
5
H 9 3
10windroosH 8 7 2
V 9 7 5 3
2
V 10 3
9 6 2
A V B 10
8 6 5 4 2
 9 6 5 3
 
B 10
A H B 8 7 4
7

West kon het niet goed doen. Wat hij ook afgooide, ik kon beide rode kleuren van 'boven' spelen, de volgorde maakte niet uit. Als de eerste na aas-heer niet vrij was, moest de tweede dat wel zijn.
Ik verloor dus alleen A en H. 5 gemaakt!

NB1: Als west begonnen was met V-tweede, was hij niet in dwang gekomen en waren er 'van nature' al drie ruitenslagen geweest. Hij had dan in het bovenstaande diagram nog een klaveren gehad (of een harten meer vastgehouden) en een ruiten minder.
NB2: Misschien had ik al in de derde slag die 10 moeten spelen, want ook in mijn oorspronkelijke speelplan zou ik communicatie/blokkadeproblemen gehad hebben.
NB3: Oost heeft slecht verdedigd. Als hij niet meteen met H had genomen maar soepel gedoken had (dat is meestal goed als je vier troeven hebt), had ik daarna zeker A geslagen. Daarna was ik kansloos geweest. Ook een ruitenswitch van oost, toen hij met H aan slag was, was dodelijk geweest.

Aan de andere tafels ging zuid steeds in 4 één down. Daar hadden NZ beter geboden dan wij en OW beter tegengespeeld dan onze tegenstanders, zullen we maar zeggen...

 

Aanraders

Avonturen van Barrie en Harrie !

Lees de hilarische avonturen van deze bridgetweeling in de sectie Verhalen.
Leuk, maar ook leerzaam.