|
Halve finale van de Meesterklasse viertallen 2000. Louk Verhees, al jaren een vaste kracht in het Nederlands team met zijn (toenmalige) vaste partner Jan Jansma, probeert het volgende 4♠-contract down te krijgen. | Z/NZ | ♠ | 10 9 | | | | ♥ | A 10 9 2 | | ♦ | H V 9 8 5
| | ♣ | 5 4
| | ♠ | H V 5 |  | | | ♥
| V 6 5
| | | | ♦ | B 7
| | | ♣
| A V 8 7 3
| | |
| West | Noord | Oost | Zuid |
|---|
| Verhees | Von Seida | Jansma | Eskes | | - | - | - | 1♠ | | pas | 1SA | pas | 2♠ | | pas | 3♠ | pas | 4♠ | | pas | pas | pas | |
Hij begint met ♥5. De leider neemt vlot in de dummy met ♥A, partner oost speelt ♥8 bij (hoog-laag is 'aan') en zuid ♥B. De leider laat dan ♠10 doorlopen. Verhees neemt en mag het vervolg van de verdediging bedenken. Gezien diens ♥8-signaal taxeert Verhees zijn partner op ♥H. Zuids ♥B was dus een singleton want met meer dan een harten had zuid de start gedoken om in de tweede ronde op wests ♥V te kunnen snijden. Na dit staaltje taxeren ziet Verhees de oplossing. Hij reikt u zijn kaarten aan. Hij heeft u op weg geholpen. Nu is het aan u het goede tegenspelplan te bedenken. Speelt u het contract ook even down?
Oplossing West controleert de troefkleur nog een ronde maar ziet de dreiging: zuid kan later misschien klaverenverliezers op de lange ruitenkleur in de dummy afgooien. Nu partner ♥H heeft, zijn de punten van de leider makkelijk in te vullen: ♠AB, ♥B, ♦A(B) en ♣H(B). Als de leider nog een harten zou hebben, gaat het contract simpel down: west kan dan harten naspelen, oost maakt deze slag en switcht klaveren. Als zuid bovendien minstens twee klaveren heeft, gaat hij zo zelfs twee down. Nu west de leider echter op een singleton harten taxeert, moeten OW twee klaverenslagen maken om het contract down te spelen. Omdat oost geen directe entree heeft, moet west hopen dat zuid meer dan twee klaveren heeft. Het plan is namelijk zuid ♣H cadeau te doen maar zo wel een tweede klaverenslag voor OW te ontwikkelen.
De doubleton klaveren in de dummy is echter lastig. Als west bijvoorbeeld ♣A, klaveren na speelt, neemt zuid met ♣H en troeft zijn derde klaveren in noord. Hoe moet west die tweede troef uit de dummy verwijderen zonder zijn eigen tweede troefslag op te offeren? West ziet zijn enige kans: zijn partner moet ♣B hebben en de leider, als gezegd, drie klaveren. En dat is zo (rode kaarten zijn gespeeld): | Z/NZ | ♠ | 10 9 | | | | ♥ | A 10 9 2 | | ♦ | H V 9 8 5
| | ♣ | 5 4
| | ♠ | H V 5 |  | ♠ | 8 6
| | ♥ | V 6 5
| ♥ | H 8 7 4 3
| | ♦ | B 7
| ♦ | 4 3 2
| | ♣ | A V 8 7 3
| ♣ | B 9 2
| | | ♠ | A B 7 4 3 2
| | | ♥ | B
| | ♦ | A 10 6
| | ♣ | H 10 6
|
Verhees speelt ♣V na om zo een entree bij zijn partner te creëren! De leider krijgt weliswaar ♣H cadeau maar is vervolgens weerloos: - speelt hij klaveren na, dan neemt oost met ♣B om een tweede ronde troef te spelen - slaat hij troefaas en probeert hij daarna een klaveren op de ruitenkleur te lozen, dan troeft Verhees de derde ruiten en neemt twee klaverenslagen mee.
Uit het zitsel blijkt waarom west ♣V naspeelt. Zou hij een kleine hebben gespeeld, dan had oost in de derde hand ♣B moeten leggen en zuid zou na het nemen met ♣H dan ♣10 naspelen. Oost komt dan nooit aan slag want west moet nemen en die kan de troef niet uit de dummy verwijderen zonder een troefslag op te offeren. Aan de andere tafel maakte het nevenpaar in NZ een deelscore voor een bescheiden winst. Zonder Verhees' geïnspireerde tegenspel zou dat een verlies van tien IMP zijn geweest.
PS: Om eerlijk te zijn, in werkelijkheid had oost ♣B102 en niet ♣B92. Dus was een kleine klaveren goed genoeg geweest maar Verhees nam het risico van ♣10 bij zuid terecht niet. PPS: Voor de goede orde: in een andere wedstrijd speelde Erik Kirchhoff precies zo tegen als Louk Verhees, een compliment voor het hoge niveau in de Meesterklasse dat jaar. |