|
zaterdag 05 juni 2010 07:00 |
|
Een minipuzzeltje als het onderstaande, met alle kaarten open, heeft twee doelen. Het eerste is het plezier van het oplossen, het tweede het geven van inzicht in speelfiguren.
Leg de figuur op tafel met een spel kaarten, zo zijn alle varianten gemakkelijk te bekijken. | | ♠ | — | | | | ♥ | 9 | | ♦ | A | | ♣ | H 4 2 | | ♠ | — |  | ♠ | — | | ♥ | 8 | ♥ | 10 | | ♦ | V B 10 9 | ♦ | H | | ♣ | — | ♣ | V B 9 | | | ♠ | — | | | ♥ | — | | ♦ | 3 2 | | ♣ | A 10 3 |
Zuid is aan slag. Harten is troef. Hoe maakt zuid vier van de laatste vijf slagen tegen het beste tegenspel?
Oplossing Zuid speelt ♦2 naar het aas en speelt ♥9 na. Oost (zojuist beroofd van zijn enige veilige exit-kaart) neemt de slag tegen wil en dank met ♥10. Hij kan niet anders dan klaveren spelen, wat de leider in staat stelt drie klaverenslagen te maken: - Als oost ♣V (of ♣B) naspeelt, is die voor ♣H, waarna de leider op oosts andere honneur snijdt. - Als oost een kleine klaveren speelt, maakt zuid meteen ♣10. |